Mag je portretten verkopen?
Een geportretteerde heeft een portretrecht. Dat is echter geen vetorecht. Bovendien heeft de maker, vaak een fotograaf, maar het zou bijvoorbeeld ook een illustrator of beeldhouwer kunnen zijn, een auteursrecht. Mag die maker dan dat portret wel verkopen? Wiens recht weegt zwaarder?
Opdracht of niet?
Belangrijk bij de vraag of een portret verkocht mag worden, is hoe dat portret tot stand is gekomen. Het portretrecht maakt namelijk onderscheid tussen portretten die in opdracht (of ten behoeve) van de geportretteerde zijn gemaakt en portretten die niet in opdracht zijn gemaakt.
Kort gezegd: is een portret in opdracht gemaakt, dan moeten geportretteerde en maker samen afspraken maken over het openbaar maken/publiceren en dus ook het verkopen van dat portret. De een mag dat niet doen zonder toestemming van de ander.
Een portret dat niet in opdracht is gemaakt kent de regeling van het redelijk belang. Een geportretteerde heeft misschien wel meegewerkt aan het maken van het portret of er toestemming voor gegeven. Of het is bijvoorbeeld een straatfoto of een cartoon en de geportretteerde weet nergens wat vanaf. De belangen van de geportretteerde moet dan afgewogen worden tegen de belangen van de maker of in dit geval de verkoper (of dat nu de maker is of iemand anders).
LawStories in je mailbox?
Nieuwsfoto’s
Nieuwsfoto’s worden door freelance fotografen aan kranten en websites verkocht. Daar kunnen mensen herkenbaar op staan. Ook speciale stockfotobureaus verkopen deze foto’s, denk aan ANP/HH. Bij deze foto’s moet steeds die belangenafweging gemaakt worden. Nieuws en (dus) de vrijheid van meningsuiting zijn belangrijk. Het kunnen ontvangen van nieuws is een grondrecht. Portretrecht gaat meestal over je privéleven. Over privacy. Dat is uiteraard ook een grondrecht. Die rechten kunnen dus botsen. Maar een nieuwsfoto die op de juiste manier is gebruikt, zorgt er vaak voor dat het recht op vrijheid van meningsuiting net wat zwaarder weegt dan het portretrecht. De foto’s mogen daarom verkocht worden.
Hetzelfde geldt voor spotprenten. Daar is een persoon meestal ook op herkenbaar. Spotprenten zijn misschien niet erg onschuldig en vaak minder feitelijk dan een foto. Het is immers de bedoeling dat een spotprent juist overdrijft. Omdat het wel nieuwswaardig is en de overdrijving duidelijk is, maakt een spotprent meestal geen inbreuk op het privéleven. Al speelt het onderwerp in die beoordeling natuurlijk een grote rol.
TFP Shoots
De vraag is natuurlijk of je een TFP Shoot als een opdracht of als toestemming kunt zien. Model en fotograaf werken hier immers samen, zodat ze er beide voordeel aan kunnen hebben. Hier is eigenlijk vooral sprake van een gezamenlijke overeenkomst en dus niet zozeer van een opdracht of enkel van toestemming.
TFP staat natuurlijk oorspronkelijk voor Time for Print of Time for Portfolio, waarbij het uitgangspunt vooral is dat zowel de fotograaf als het model de foto’s voor eigen portfolio mogen gebruiken. Openbaar maken zou dan geen probleem moeten zijn.
Voor al het overige, zoals bewerken, maar dus ook zeker voor het verkopen van de foto zullen onderling afspraken gemaakt worden. Dat wordt meestal meteen al geregeld in een quitclaim waar ook andere zaken in afgesproken worden.
Toestemming en quitclaims
Een andere mogelijkheid is natuurlijk dat er afspraken gemaakt worden over het mogen maken en verkopen van de portretten. Dat kan door toestemming te vragen of een contract te tekenen. Toestemming mag natuurlijk mondeling, maar ja, hoe bewijs je dan later wat er is afgesproken? Daarom gebruiken veel fotografen en organisaties quitclaims, waarin duidelijk staat vermeld wie waarvoor toestemming geeft.
Lees ook: auteursrecht en portretrecht, wat is het verschil?


