Wat is je risico als demonstrant

Als je wil demonstreren, welk risico loop je dan? Is de kans groot dat je te maken krijgt met geweld of dat je gearresteerd wordt? En welke straf staat je dan te wachten?

Van 2013 tot en met 2022 is het aantal demonstraties in Nederland zeer sterk toegenomen. In Amsterdam liep het op van 260 naar 1510 demonstraties en in Den Haag waren er in 2022 meer dan 2000 demonstraties.1 Over het merendeel van deze demonstraties horen we nooit wat. Ze zijn te klein en/of te braaf en halen het nieuws niet.

Terwijl het aantal demonstraties toeneemt, sommige demonstraties bovendien groter en/of radicaler worden en de capaciteit van de politie afneemt, neem de kans op misstanden toe. Zowel vanuit de demonstraties, als vanuit het beheersen of ingrijpen van de demonstraties. Welk risico loop je als demonstrant, wanneer je niet aan de regels voldoet?

In 2021 grepen burgemeesters het meeste in, terwijl juist in 2022 de burgerlijke ongehoorzaamheid tijdens demonstraties ongekend hoog was.2

Lees ook: Hoe mag demonstratierecht beperkt worden?

Wat is je risico als demonstrant?

Wijze van beëindigen van een demonstratie

Als een demonstratie, om welke reden dan ook, beëindigd of verplaatst moet worden, dan zal daartoe eerst altijd worden opgeroepen. Je kunt als demonstrant dan zelf naar de andere locatie vertrekken of de demonstratie verlaten. Pas als er aan zo’n vordering geen gehoor wordt gegeven, zijn er een aantal mogelijkheden:

  • Burgemeester handhaaft openbare orde
  • Burgemeester beveelt bestuurlijke ophouding
  • Verplaatsen
  • Arrestatie wegens strafbaar feit

Openbare orde handhaving

De burgemeester heeft de bevoegdheid om voor de handhaving van de openbare orde, de politie in te zetten.

En de politie mag, als dat nodig is, geweld inzetten. Geweld is elke ‘kracht van meer dan geringe betekenis’. Over het algemeen moet daarover eerst gewaarschuwd worden, zodat iemand alsnog kan vertrekken of bijvoorbeeld alsnog kan besluiten aan een bevel of vordering te voldoen.

  • Met duwen en trekken mogen mensen gedwongen worden zich te verplaatsen
  • Wapenstok kan ingezet worden als er geen gehoor wordt gegeven aan een bevel of vordering of om een menigte uit elkaar te kunnen drijven
  • De burgemeester kan de ME bevelen een waterwerper in te zetten

Als de openbare orde wordt verstoord, mag de politie dus geweld inzetten. Een demonstratie die uit de hand loopt of die ergens plaatsvindt waar dat niet mag, is een openbare orde verstoring. Dan kan er wel sprake zijn van een ‘vreedzame demonstratie’, maar als de demonstratie niet daadwerkelijk eindigt, terwijl deze wel al door de burgemeester is ontbonden en dat ook is aangekondigd, dan mag er uiteindelijk, na weer aankondiging daarvan, geweld gebruikt worden om de demonstratie te beëindigen.

Wil je geen last hebben van dat geweld, is het verstandig om goed te luisteren naar de omroepen van de politie. Zo weet je wanneer de demonstratie is ontbonden en je moet vertrekken. Niet iedereen luistert naar zo’n vordering. Als er geen schot in zit kan er dus besloten worden om geweld toe te passen. Maar ook dit moet eerst gemeld worden en zal dus omgeroepen worden. Dan heb je nog een keer de kans om te vertrekken.

foto: Roel Wijnants CC BY-NC ME op linie tijdens coronodemonstratie in Den Haag 2020

Voorbeeld: Waterwerper bij A12 demonstraties

XR heeft in 2023 regelmatig gedemonstreerd op de afrit van de A12, de Utrechtsebaan, in Den Haag. Dit hebben zij niet vooraf gemeld, zoals dat moet van de WOM. Daarom was overleg over een locatie ook niet mogelijk.

De burgemeester weet natuurlijk wel van de demonstraties, vanwege sociale media en omdat XR steeds mensen oproept mee te komen demonstreren. De burgemeester van Den Haag heeft daarom wel vooraf al gezegd dat demonstreren op deze locatie verboden is en mensen iets verderop naar Laan van Reagan en Gorbatsjov moeten gaan. XR heeft tegen deze besluiten overigens nooit bezwaar ingediend. Het besluit is daarmee rechtmatig genomen, waardoor een discussie over de locatie te laat gevoerd wordt en dus van tafel geveegd kan worden.

“De burgemeester heeft de waterwerper meermaals ingezet bij de demonstraties van XR als, volgens gedaagden, het lichtste middel om demonstranten te bewegen te vertrekken. Alternatieve (zwaardere) middelen, zoals charges van de ME, eventueel met inzet van paarden of honden, of traangas, heeft de burgemeester te zwaar geoordeeld. Uitgangspunt bij de inzet van de waterwerper is dat demonstranten op gezag van de burgemeester eerst worden verzocht om de Utrechtsebaan/A12 te verlaten. Daarna wordt gevorderd te vertrekken. Daarna kan de burgemeester toestemming geven om de waterwerper in te zetten.” 3

De kantonrechter was van oordeel dat de inzet van de waterwerper bij XR demonstraties rechtmatig was. Onder meer omdat ze demonstreerden op de niet-aangewezen locatie, maar ook omdat de Utrechtsebaan/A12 bezetten “onmiskenbaar een aanzienlijke impact hebben op de verkeerssituatie in Den Haag” en de demonstraties voort bleven duren, bovendien zonder bekende einddatum.

Hierbij speelt ook mee dat overleg met een afvaardiging van de demonstranten over het verloop van de demonstraties in het verleden moeilijk is gebleken en niet gebleken is dat XR bereid is dergelijk overleg voor de toekomst wel te voeren. Er kunnen dus geen concrete afspraken vooraf gemaakt worden over het (gewenste) verloop van de demonstraties.4

XR had graag gewild dat vooraf verboden zou worden dat de waterwerper zou worden gebruikt. Ook omdat XR van mening is dat hun demonstranten door het gebruik ervan helemaal niet vertrekken, waardoor de inzet niet noodzakelijk is. (Bedoelen ze dan dat er juist maar meer geweld gebruikt moet worden?)

Net zoals een demonstratie niet in algemene zin vooraf verboden kan worden, omdat het dan censuur wordt, zo kan ook het gebruik van een waterwerper niet in algemene zin vooraf verboden worden. Het hangt immers van de omstandigheden af of inzet proportioneel is en aan het subsidiariteitsvereiste wordt voldaan (is er een ander, minder ingrijpend middel mogelijk om hetzelfde doel te bereiken).

De gemeente Den Haag heeft zelf een aantal uitgangspunten opgesteld die ze hanteren bij de vraag of de waterwerper kan worden ingezet of niet. ‘De voorzieningenrechter is van oordeel dat uitgaande van deze uitgangspunten, er geen aanleiding is de inzet van de waterwerper op voorhand te beperken‘.5

Het gaat om deze uitgangspunten:

  • doel: nat maken en onaangename verkoeling, zodat demonstranten vertrekken
  • waterstraal van maximaal 16 BAR bij vreedzame demonstraties
  • niet (bewust) gericht op hoofden
  • niet tegen demonstranten die al zijn aangehouden, die het gebied niet kunnen verlaten, die in bedwang worden gehouden of zich niet kunnen bewegen. Zij kunnen wel onbedoeld nat worden. De inzet van de waterwerper en een politielint is geen beperking om weg te kunnen (r.o. 4.24)
foto: Roel Wijnants CC BY-NC Waterwerper bij coronademonstratie in Den Haag 2020

Uiteraard moet het gebruik van de waterwerper vooraf worden aangekondigd, maar dat is geen keuze of afweging van de burgemeester, maar eenvoudigweg een verplichting.

Volgens de kantonrechter zou het bovendien onrechtmatig kunnen zijn om een waterwerper te gebruiken tegen een kleine groep demonstranten of als er dus nog maar enkele demonstranten over zijn.

De kantonrechter benoemt dat het inzetten van de waterwerper twee uur na start van de demonstratie rechtmatig was, maar dat eerdere inzet onder omstandigheden ook rechtmatig kan zijn.

Lees ook het interview met Jan van Zanen in Volkskrant Magazine over deze uitspraak.

Bestuurlijke ophouding

Bestuurlijke ophouding is altijd tijdelijk. Het is een regel die ervoor zorgt dat een groep personen tijdelijk op een bepaalde locatie opgehouden mag worden en dus dat die locatie niet verlaten mag worden. Daarbij bestaat ook de mogelijkheid om de groep eerst nog te verplaatsen naar de locatie van ophouding.

Hier bestaan twee verschillende regelingen voor:

Deze regelingen worden maar weinig ingezet. Er moet wel voldaan worden aan een aantal vereisten.

  • een groep personen moet zich niet houden aan een bevel of voorschrift;
  • de groep wordt eerst nog in de gelegenheid gesteld alsnog aan het bevel of voorschrift te voldoen;
  • ophouding mag alleen ter voorkoming van voortzetting of herhaling van de niet-naleving van het bevel of voorschrift;
  • de ophouding mag maximaal 12 uur duren;
  • de locatie moet geschikt zijn;
  • er moet een schriftelijke beschikking worden opgesteld

Verder zijn er nog wat rechten, zoals het gehoord moeten kunnen worden als iemand een voorlopige voorziening tegen de beschikking instelt en het recht om persoonsgegevens door een ambtenaar vast te laten leggen, als bewijs te zijn opgehouden.

Verplaatsen

De politie mag ook mensen bij de arm pakken of optillen en ergens anders weer neerzetten.

Dat zal soms vallen onder het handhaven van de openbare orde (en dus onder verantwoordelijkheid van de burgemeester), maar soms ook ter voorkoming van een strafbaar feit of hulpverlening, bijvoorbeeld wanneer er een gebouw bezet wordt en de bewaking/beveiliging van dat gebouw hulp nodig heeft om mensen eruit te zetten als ze na een vordering niet zelf vertrekken.

Veel rechters zien dit als proportioneel en vinden andere maatregelen soms te ver gaan.

Het is anders dan een bestuurlijke ophouding, omdat het echt alleen maar gaat om het iemand begeleiden, desnoods dus door op te tillen, om naar een andere plek te brengen. Dat zal meestal maar enkele (tientallen) meters verderop zijn.

Als demonstrant zit dit je dus nauwelijks in de weg en kun je daarna gewoon weer teruglopen en verder demonstreren.

Dat staat natuurlijk los van de vraag of demonstreren op die locatie en die wijze wel rechtmatig is.

Arrestaties wegens strafbaar feit

Als een demonstratie op een locatie of een wijze wordt uitgevoerd dat ook een strafbaar feit oplevert, kan een arrestatie volgen. Je moet dan zo snel mogelijk voorgeleid worden bij de hulpofficier van justitie. Vervolgens kun je enige tijd worden vastgehouden voor onderzoek. In die periode moet besloten worden of er verdere vervolging plaats zal vinden of dat er geseponeerd gaat worden.

Maar of iemand mag worden aangehouden tijdens een demonstratie, is afhankelijk van de omstandigheden. Er is meer voor nodig dan alleen een artikel uit het Wetboek van Strafrecht waarin staat dat een bepaalde gedraging strafbaar is.

De aanhouding (en vervolging) moeten proportioneel zijn en de straffen mogen geen (groot) chilling effect hebben.

Belangenafweging: Grondrecht vs strafbaar feit

Demonstratierecht is een grondrecht. Dat mag alleen beperkt worden door een wet in formele zin en dus niet door bijvoorbeeld een APV van de gemeente. Maar dat een beperking in de wet staat is nog niet genoeg. Het is slechts één van de vereisten om een grondrecht te mogen beperken.

Daardoor kan het soms zo zijn dat je toch iets mag doen, met een beroep op het demonstratierecht, dat normaal gesproken een strafbaar feit op zou leveren.

Welk belang zwaarder weegt hangt natuurlijk af van de situatie en van alle omstandigheden:

  • Wat is het strafbare feit?
  • Was ingrijpen noodzakelijk?
  • Was ingrijpen nodig ter bescherming van gezondheid, in het belang van het verkeer of ter voorkoming van wanordelijkheden?
  • Staat de gedraging in dienst van de demonstratie?
  • Welke impact had de gedraging op rechten en vrijheden van anderen?
  • Was de demonstratie vreedzaam?
  • Voldoet de aanhouding aan regels van subsidiariteit en proportionaliteit?
  • Heeft aanhouding/vervolging niet (een te groot) chilling effect?

Demonstratie in een vliegtuig

Een vrouw die in een vliegtuig niet wilde gaan zitten, omdat ze op die manier haar mening wilde uiten over het uitzetten van een persoon naar Soedan, mocht gearresteerd worden. Haar mening kon ze ook op andere wijzen uiten (zittend, bijvoorbeeld) en het blijven staan belemmerde het vertrek van het vliegtuig. Niet dat elke belemmering van het dagelijks leven ervoor kan zorgen dat een demonstratie verboden mag worden, maar ook daarin moet een afweging gemaakt worden. Dat ze moest gaan zitten belemmerde haar niet in haar rechten. Ze kreeg een voorwaardelijke boete van €300,-.

Het oordeel van het hof komt er dus op neer dat (i) de aanleiding voor het strafrechtelijke optreden tegen de verdachte uitsluitend was gelegen in het tijdens de protestactie niet opvolgen van de aanwijzingen van de Koninklijke marechaussee, terwijl het opvolgen van die aanwijzingen de verdachte niet had belemmerd in het uiten van haar mening en het voortzetten van het protest, (ii) het negeren van de aanwijzingen moet worden gezien als een “reprehensible act” (laakbaar gedrag) waartegen strafrechtelijk optreden geboden was, zodat de daaruit voortvloeiende beperking in de uitoefening van het recht op vrije meningsuiting en het recht op vrijheid van vergadering gerechtvaardigd en noodzakelijk was, en (iii) de bestraffing daarvan met een geheel voorwaardelijke geldboete proportioneel is en niet zo ingrijpend is dat daarvan een “chilling effect” uitgaat op personen die door deelname aan een protestactie gebruik willen maken van hun recht op vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vergadering.” en de Hoge Raad hield dit in stand.

Groepsbelediging tijdens demonstratie onnodig grievend

Demonstreren is geen absoluut recht. Ondanks dat het demonstratierecht niet gaat over de inhoud, kan de inhoud toch een rol spelen bij de vraag of er sprake was van een strafbare gedraging die vervolgd én bestraft mag worden.

Zo werd Wagensveld al eens veroordeeld wegens groepsbelediging, omdat hij zich niet alleen richtte tegen de Koran en het islamitische geloof, maar tijdens het verscheuren van de Koran ook de aanhangers van het geloof benoemde. Dit was beledigend. Ook dat mag in het kader van de vrijheid van meningsuiting en het demonstratierecht, tenzij het onnodig grievend is.

bestonden er voor de verdachte talloze andere manieren om het door hem gewenste debat over de invloed van de Islam in Europa of in Nederland te voeren, zonder daarbij een grote groep mensen op dusdanige wijze te kwetsen.” Daarom kreeg Wagensveld uiteindelijk een boete opgelegd van €700,-, waarvan de helft voorwaardelijk.

€350 boete voor onbruikbaar maken van een trap

Een XR demonstrant kreeg een voorwaardelijke boete van €350,- voor het (tijdelijk) onbruikbaar maken van een trap voor een Shell-gebouw. Ze hadden er een gladde, vettige, zwarte, op olie lijkende vloeistof op gesmeerd. Een ludieke actie, zou je in eerste instantie misschien denken. Ware het niet dat dit goedje zo glad was, dat de trap onbruikbaar was geworden.

De politie riep de demonstranten op de demonstratie te beëindigen, maar daar gaven ze geen gehoor aan. De trap was slechts gedeeltelijk overgoten en er stond ook een schoonmaakploeg van XR klaar, maar nog steeds was de trap tijdelijk onbruikbaar omdat deze te glad was en de vloeistof zwart afgaf. Het tijdelijk onbruikbaar maken van, bijvoorbeeld, een trap, is strafbaar. Dat iemand het ook zelf weer op wilde ruimen maakt dat niet anders.

De Hoge Raad citeert uit een onderzoek van Roorda: “strafrechtelijk optreden kan ook gerechtvaardigd zijn als demonstranten zich schuldig maken aan ‘reprehensible’ gedrag, dat wil zeggen gedrag dat het dagelijks leven en de activiteiten die door anderen rechtmatig worden uitgevoerd opzettelijk ernstig verstoort, in een grotere mate dan in het geval van een ‘normale’ uitoefening van de demonstratievrijheid. Hierbij kan worden gedacht aan bijvoorbeeld een demonstratieve blokkade van een snelweg.”

Demonstreren tegen een oliemaatschappij mag natuurlijk. De locatie was in de basis ook geen probleem. Het ging pas mis bij de ‘vernieling’ van de trap. Demonstreren op die locatie en tegen Shell, had ook op een andere wijze gekund, zonder de trap onbruikbaar te maken en een gevaarlijke situatie te creëeren.

De demonstrant had wat langer in voorarrest gezeten, omdat deze geen persoonsgegevens af wilde staan. Dit is meegewogen in de hoogte van de straf. Deze mocht immers ook weer niet zo hoog worden dat het een chilling effect op zou leveren. Daarom werd het €350,- voorwaardelijk en dit is door de Hoge Raad in stand gehouden.

€200,- boeten voor niet verlaten Museumplein na vordering

Op het Museumplein vond op 20 maart 2021 een van de coronademonstraties plaats. Deze was niet aangemeld en werd door de burgemeester ontbonden, onder meer omdat er niet aan de 1,5 meter maatregel werd gehouden en demonstranten provocerend bezig waren en zich agressief en scheldend gedroegen naar de politie toe.

Op vorderingen om te vertrekken werd geen gehoor gegeven. Sterker nog, het aantal demonstranten nam zelfs toe. Vervolgens kwam er een noodbevel van de burgemeester, waar demonstranten zich ook niet aan hielden.

Om die reden werden enkele demonstranten vervolgd. In dit geval werd een boete van €200,- opgelegd voor het niet opvolgen van het noodbevel.

Celstraf vernieling Meisje met de Parel

Hoofd vastplakken aan de glasplaat, een hand vastplakken aan het stoffen paneel achter het schilderij en tomatensoep over het hoofd en tegen het schilderij gooien, waarbij door deze gedragingen ook de lijst beschadigd is geraakt, leverde twee maanden gevangenisstraf, waarvan een voorwaardelijk op.

Er is schade veroorzaakt aan bewust uitgekozen kostbaar cultureel erfgoed. De actie van verdachte en zijn medeverdachten heeft ook een ordeverstorende werking gehad. Behalve de materiële schade die het museum heeft geleden, moest het ook enige tijd dicht en heeft het bezoekers moeten compenseren. Verder heeft de actie de aanwezige bezoekers die op dat cultureel erfgoed afkwamen, geschokt en niet alleen de bezoekers, maar ook de maatschappij.

Ook werd door de politierechter meegewogen dat er sprake was van herhalingsgevaar. Voor de hoogte van de straf werd juist weer meegewogen dat het niet een te groot chilling effect mocht hebben.

Voorwaardelijke geldboete wegens niet meewerken arrestatie

Een groep demonstranten had op de markt in Gouda willen demonstreren tegen zwarte piet. Er was echter ook een tegendemonstratie aangemeld. De burgemeester vond de locatie daarom niet geschikt, omdat de demonstraties er niet voldoende te beheersen zouden zijn en wees een andere locatie aan.

Een groep demonstranten is vervolgens toch naar de markt gegaan en heeft daar de armen in elkaar gehaakt. Ze zijn gevorderd te vertrekken, maar deden dat niet. Daarop zijn ze aangehouden. Deze demonstrant verstijfde en probeerde expres zijn handen steeds weer in zijn zij te doen, zodat hem verplaatsen extra lastig zou zijn. Ook zou hij bij de politieagent een overbelaste pols hebben veroorzaakt en zich in tegengestelde richting hebben bewogen.

De demonstranten voelden zich aangetast in hun demonstratierecht, omdat ze minder zichtbaar zouden zijn op de nieuwe locatie en ze niet mochten demonstreren op hun gewenste locatie. Volgens de rechter waren deze beperkingen echter heel redelijk. Het verzetten bij de arrestatie was niet redelijk. De demonstrant kreeg daarom een voorwaardelijke geldboete van €500,-. Deze straf werd opgelegd om zodoende te voorkomen dat de demonstrant zich een volgende keer op eenzelfde manier zou gedragen, maar er is ook rekening mee gehouden dat hij gebruik maakte van het demonstratierecht en dat de reden van verzet was, waardoor de voorwaardelijke geldboete is verlaagd.

Dodelijke file door demonstratie op de snelweg

Agractie had opgeroepen om uit solidariteit met de boeren op 15 juli 2022 het land een kwartier plat te leggen. Een van de manieren waarop je daaraan bij kon dragen, was door je voertuig op dat moment stil te zetten.

De bestuurder van een tankwagen gaf daar die dag, om 15:00u gehoor aan door zijn zwaailichten en gevaarlichten aan te zetten, zijn wagen over twee rijbanen te verdelen en vervolgens zijn voertuig uit te laten rollen, totdat het tot stilstand kwam op de snelweg. Andere mobilisten moesten uitwijken of remmen. Binnen 30 seconden was er een file. En binnen 40 seconden was er een dodelijk ongeval, 500 meter achter deze tankwagen. Een man in een bestelbusje was bezig met zijn telefoon en had de file niet gezien. Hij reed in op de motorrijder voor zich, die ter plekke overleed. Daarna raakte hij nog de Volvo die voor de motorrijder reed, om vervolgens zelf met het busje in de greppel te belanden.

Dat dodelijke ongeval wordt de bestuurder van de tankwagen verweten. Volgens de rechter was dit gedrag gevaarzettend en onvoorzichtig. Ook speelt mee dat de actie onaangekondigd was volgens de rechter, dat hij de tankwagen ‘midden op de snelweg’ tot stilstand bracht en dat het druk was op de weg. Daardoor was de kans groter op ernstige gevolgen van zijn handelen.

De rechter erkent dat dit allemaal was in het kader van een protestactie, maar de verdediging lijkt dat niet verder gebruikt te hebben ten behoeve van de strafmaat bijvoorbeeld. De man kreeg daarom een taakstraf van 240 uur (het maximaal mogelijke voor een taakstraf) en 12 maanden ontzegging van de rijbevoegdheid, waarvan 8 maanden voorwaardelijk (zijn rijbewijs was tot aan de zitting al 4 maanden ingevorderd geweest), met een proeftijd van drie jaar.

Strafbaar zonder straf

Wat veel voorkomt is dat er een strafbaar feit wordt gepleegd, en dat de rechter ook oordeelt dat het handelen strafbaar was, maar dat er uiteindelijk geen straf wordt opgelegd. Het feit komt dan wel op het strafblad te staan en kan dus invloed hebben op een Verklaring Omtrent Gedrag. De terugkijktermijn is standaard vier jaar, maar kan voor sommige ‘screeningsprofielen’ kan het ook langer zijn.

Sit-in bij ABP

Een groep mensen hield een zogenaamde ‘sit-in’ bij ABP in Heerlen. Binnen in het gebouw. Daar hebben ze van 12:00 tot 19:00u ongestoord kunnen zitten met spanddoeken. Andere mensen konden gewoon in en uit lopen. Omdat het gebouw zou sluiten heeft de beveiliging ze weggestuurd, maar ze bleven zitten. De politie kwam eraan te pas en heeft ze verwijderd. Vervolgens zijn de demonstranten aangehouden voor lokaalvredebreuk. Het hof Den Bosch heeft geoordeeld dat er inderdaad sprake was van lokaalvredebreuk en heeft de demonstranten daarvoor veroordeeld. Het was volgens het hof echter voldoende geweest als de demonstranten op straat werden gezet en daar hun demonstratie voort hadden kunnen zetten. Het aanhouden, verhoren en de strafbeschikking waren niet proportioneel. Er loopt momenteel een cassatieberoep bij de Hoge Raad tegen dit arrest.

Zebrapad bezetten

Aanhangers van XR gingen bij wijze van protest op zebrapaden in Rotterdam zitten. De demonstratie was aangemeld door XR. De burgemeester heeft vervolgens in een zogenaamde WOM-brief voorschriften opgesteld: er mochten op maximaal 6 locaties in Rotterdam dergelijke eenmansprotesten plaatsvinden, mits er geen rijbanen geblokkeerd zouden worden. Door op het zebrapad te gaan zitten worden er juist wel rijbanen geblokkeerd. De politie heeft vervolgens de demonstranten verzocht om daar weg te gaan, maar ze bleven zitten. Na eerst een verzoek en vervolgens een vordering om te vertrekken, is de demonstrant aangehouden. Dat gebeurde op vier van de zes plekken, waardoor de demonstratie als geheel nog niet werd beëinigd.

De XR-demonstranten vonden dat de politie het verkeer juist had moeten regelen, zodat er een veilige situatie zou ontstaan. Daar was de rechter het niet mee eens. De burgemeester had in de WOM-brief immers uitdrukkelijk gezegd dat er geen wegen geblokkeerd mochten worden en dat er geluisterd moest worden naar aanwijzingen van de politie. Bovendien zou het onredelijk zijn als de politie op zes plekken tegelijk het verkeer zou moeten regelen ten behoeve van een demonstratie.

Het handelen van de politie was noodzakelijk en proportioneel. De officier van justitie vorderde een geldboete van €200,-. Dat vond de rechter weliswaar een redelijke straf, maar toch is er uiteindelijk geen straf opgelegd. De aanhouding, het voorarrest en de vervolging zouden ervoor gezorgd hebben dat de demonstrant al voldoende was aangepakt.

Strafblad en VOG

Als er al tijdens of ten behoeve van een demonstratie strafbare feiten worden gepleegd, mogen deze niet per definitie bestraft worden en de straffen mogen ook niet te hoog zijn.

Sterker nog, uitgangspunt is dat als er al iets strafbaars gebeurt tijdens een demonstratie, er wel door de politie zodanig gehandeld mag worden dat de strafbare gedraging ophoudt, maar dat vervolgens de demonstratie elders en/of op andere wijze doorgezet moet kunnen worden.

Als er al een straf opgelegd wordt, zal deze laag zijn, omdat het anders niet meer proportioneel is. Het grootste probleem is dan vooral nog dat je mogelijk lastiger een VOG krijgt.

Wees voorbereid op ME en de waterwerper

Vaak genoeg is gebleken dat maatregelen om de demonstratie daadwerkelijk op te heffen wel zijn toegestaan. Het ‘verjagen’ van demonstranten mag dus. Of dat nu is door ze op te pakken en ergens anders weer neer te zetten, weg te duwen of weg te jagen met een waterwerper of een wapenstok.

Er zal altijd vooraf gewaarschuwd worden, dus er is altijd voldoende tijd om nog weg te gaan als je niet vastgepakt, weggeduwd of besproeid wil worden. Maar als je dus niet aan de vorderingen voldoet, dan loop je de kans om hiermee te maken te krijgen. Ook als je dus nog met je kind tussen de menigte staat.

Dat is het risico van deelname aan een demonstratie die al is ontbonden of nooit rechtmatig is geweest. Zolang de demonstratie vreedzaam én rechtmatig is, hoef je nergens voor te vrezen.

  1. Investico, Demonstratierecht in de knel, 23 maart 2023
  2. De Groene Amsterdammer, Klein tegen de grote politie, nr. 12, 23 maart 2023
  3. Rb Den Haag 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:15385, r.o. 4.12
  4. Rb Den Haag 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:15385, r.o. 4.18
  5. Rb Den Haag 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:15385, r.o. 4.22 en 4.23

Over Charlotte

Charlotte Meindersma is ‘de social media jurist van Nederland’ en oprichter van Charlotte’s Law & Fine Prints. Ze drinkt graag oploskoffie, in de spreekwoordelijke zin van het woord. Bovendien is ze amateur-marketer en was ze in een vorig leven fotograaf.