How to: 7x je beeld beschermen
Online is het kopiëren van werk makkelijk. Eén klik op de knop en het is gebeurd. Voor mensen reden om te denken dat, omdat het nu eenmaal kan, het ook wel zou mogen. Fotografen krijgen bovendien te horen dat ze hun werk maar beter moeten beschermen. Om werk te verkopen moet je het echter wel online publiceren, al is het maar om een portfolio te kunnen laten zien. Hoe moet dat beschermen dan?

1. Copyright Notice
Een copyright notice is in de meeste landen gelukkig niet meer nodig. Je krijgt vanzelf auteursrecht op je werk wanneer het voldoende creatief is. In de VS was het vroeger verplicht om een copyright notice bij al je werken te plaatsen om überhaupt een auteursrecht te kunnen claimen. Tegenwoordig helpt het daar nog steeds als bewijs en ook in Nederland kan het geen kwaad het te gebruiken, omdat het nu eenmaal een waarschuwende functie heeft. Door het gebruiken van een copyright notice kan een derde, zoals de gebruiker van de afbeelding, nooit meer zeggen dat hij/zij niet wist dat er auteursrecht op de afbeelding rustte, dat hij/zij niet wist wie de maker was (en daarom niet om toestemming kon vragen) of dat er gedacht werd dat het beeld gratis/vrij gebruikt mocht worden.
Een traditionele copyright notice zit als volgt in elkaar:
© [jaartal van eerste publicatie], [naam van de auteursrechthebbende], eventueel nog gevolgd door een ‘all rights reserved’, zodat duidelijk is dat er vooraf in zijn geheel geen toestemming is gegeven om het werk te gebruiken en daarvoor eerst contact opgenomen moet worden.
LawStories in je mailbox?
1. IPTC data
Natuurlijk hebben je foto’s al EXIF gegevens. Deze kunnen echter gemakkelijk verwijderd worden. Sterker nog, wanneer een foto op bijvoorbeeld Facebook gedeeld wordt, verdwijnen deze gegevens. Daarnaast bestaan nog de IPTC data die je zelf aan een foto kunt koppelen. Dat kan bijvoorbeeld in Lightroom, maar ook via veel andere, vooral catalogusachtige, software. Hierin kun je een copyright notice en eventuele licentie aanbrengen. Voordeel is dat er dan nooit meer een smoesje gebruikt kan worden als ‘er stond geen naam bij’ of ‘ik wist niet wie de maker was’. Daarnaast heb je het voordeel dat veel inbreukmakers de foto’s downloaden, maar geen idee hebben van het bestaan van de IPTC data. Vaak worden foto’s ook niet bewerkt in programma’s die deze gegevens tonen. Dus zelfs nadat foto’s eventueel zijn bewerkt, worden ze vaak met dezelfde IPTC data weer geupload. Als er sprake is van een inbreuk, kan de foto door deze data gemakkelijker worden teruggevonden en bij een inbreuk kan gemakkelijker worden aangetoond wie de maker van de foto is. Zorg daarom altijd dat de IPTC data is ingevuld en bij voorkeur is voorzien van een uniek nummer.
3. Rechter muisklik
De meeste foto’s kunnen zeer gemakkelijk gedownload worden door gebruik te maken van de rechter muisklik. Dit kun je zelf in de HTML-code van je website regelen. Het voorkomt natuurlijk niet dat een foto gebruikt wordt, want een schermafbeelding of screenshot maken kan natuurlijk nog steeds. In elk geval is de drempel wel hoger gemaakt. Als je dan toch bezig bent: zorg meteen dat je foto’s niet embed kunnen worden. Dat kun je ook in je HTML-code organiseren.
4. Watermerk toevoegen
Een watermerk of logo toevoegen, als het relatief klein onderin de foto, kan ook helpen. Natuurlijk kan dit van de foto worden afgesneden of worden weggeshopt, maar ook dit werkt drempelverhogend. Bovendien, als de foto met watermerk of logo is gepubliceerd en je vindt hem zonder terug, dan is duidelijk dat de foto is aangepast. Dit is een extra argument in een mogelijke rechtszaak om aan te tonen dat de gebruiker wel degelijk moest weten van wie de foto was en dat de foto doelbewust is bijgesneden of bewerkt. Het verwijderen van een naam en het bewerken van een foto kan bovendien extra schade opleveren, waardoor er een hogere schadevergoeding gevorderd kan worden.
5. Altijd eerst zelf publiceren!
Zorg er altijd voor dat je je eigen werk eerst zelf en onder eigen naam openbaar maakt. De auteurswet gaat er dan namelijk vanuit dat jij de maker bent van dat werk. Is het eerst door jouw opdrachtgever of door een ander openbaar gemaakt, dan gaat de auteurswet ervan uit dat die persoon of dat bedrijf de auteursrechthebbende is. Dat wil je voorkomen! Altijd eerst zelf openbaar maken dus.
6. Afspraken met opdrachtgever of licentienemer
Kan dat om de een of andere reden niet, bijvoorbeeld omdat het werk exclusief voor een opdrachtgever is gemaakt en deze de beelden eerst zelf wil gebruiken en je het later pas zelf in je portfolio op mag nemen of je het helemaal niet zelf mag publiceren of misschien wil je het niet eens, dan moeten er andere maatregelen genomen worden.
Heel erg belangrijk is om in dat geval letterlijk op papier te zetten dat jij de auteursrechthebbende bent en dat de opdrachtgever of licentienemer dit erkent. Dat zij dus geen auteursrecht krijgen door het onder eigen naam openbaar te maken. Tegenover een inbreukmaker kun je vervolgens dit contract inroepen, waaruit blijkt dat jij de auteursrechthebbende van die beelden bent. Dit voorkomt het jatwerk dus niet, maar zorgt wel voor een betere rechtspositie wanneer het wel aan de hand is.
7. Kijk uit waar je publiceert!
Aan social media kanalen geef je altijd een licentie voor het gebruik van jouw werk. Daar mag je werk dus via de deelknoppen gedeeld worden. Of je daar nu een copyright notice of andere tekst bij plaatst of niet, daar verander je niets aan. Bovendien hebben veel mensen de indruk dat wat op social media te vinden is altijd gratis en vrij gebruikt mag worden. Het zijn risicovolle platformen.
Je kunt je werk natuurlijk altijd met een gerust hart op je eigen website publiceren. Maak je gebruik van Flickr of 500px of een vergelijkbaar platform, zorg dan dat je oplet welke licentie je aan je werk meegeeft. Je zult niet de eerste fotograaf zijn die per ongeluk en daardoor zonder het te weten, een veel te ruime licentie aan zijn werk heeft meegegeven, waardoor er niet tegen alle inbreuken kan worden opgetreden.
EXTRA TIP: Handhaven
Is er toch inbreuk gemaakt? Het is belangrijk om te handhaven, anders worden je rechten minder waard.
Dat kun je grotendeels zelf doen, door dit stappenplan bij inbreuk te volgen.
In de kern moet je dit doen:


